
Wanneer de winter aanbreekt, zie je dat ook in de elektriciteitsrekening. Traditionele elektrische radiatoren die gevuld zijn met olie, verbruiken veel energie, maar het grootste deel van deze energie wordt gebruikt om de lucht op te warmen, niet om jou op te warmen. Hierdoor moet je lang wachten voordat de kamer echt comfortabel is.
Wat er echt toe doet We bouwen onze energiebesparende elektrische verwarmers rondom infraroodelementen gemaakt van koolstofvezels. Deze elementen zorgen voor een directe warmteafgifte – dezelfde warmte die je voelt wanneer de zon schijnt. Hierdoor wordt minder energie verspild en kan de kamer sneller comfortabel worden.
Deze apparaten zijn ontworpen voor standaard 120V-aansluitingen. Ze leveren gerichte warmte, zonder dat er nieuwe installaties nodig zijn. Een ingebouwde thermostaat zorgt ervoor dat de temperatuur constant blijft, en er is ook bescherming tegen omvallen. Het voordeel is dat een infraroodverwarmer maar 30–40% minder stroom nodig heeft om dezelfde warmte te leveren als een vergelijkbaar grote elektrische radiator.
Waarom het in werkelijkheid werkt Als je de prestaties en de daadwerkelijke kosten vergelijkt, zie je dat er een groot verschil is. Met een infraroodverwarmer krijg je sneller warmte en een constante temperatuur. Hierdoor kun je de thermostaat lager zetten en toch comfortabel blijven. Tijdens een typische verwarmingsseizoen leidt dit tot lagere energiekosten. Je koopt geen alleen maar warmte, maar ook voorspelbare kosten.
Wat je in gedachten moet houden Infraroodwarmte is richtinggebonden, dus de plaatsing is belangrijk. Richt de verwarmer op de plek waar je het meest tijd doorbrengt, dan merk je meteen het verschil. Voor het verwarmen van hele kamers, moet je de verwarmer combineren met een andere verwarmingssource.
Houd de verwarmer ook schoon van obstakels en vocht. Het buitenoppervlak moet koel blijven, want de infraroodelementen hebben luchtcirculatie nodig om goed te werken.